Patrick | Kinderboek maand van de filosofie over waarheid | recensie

← Terug naar overzicht -

Elk kind fantaseert in meer of mindere mate. Daar is natuurlijk niks mis mee. Fantaseren is leuk. Maar iedereen kent ook wel een kind dat te veel fantaseert. Zo veel dat het eigenlijk wel op liegen lijkt. Het liegen is vaak niet als liegen bedoeld en in die zin onschuldig. Maar zo voelt het voor de ander vaak niet. En dat maakt het heel ingewikkeld om te oordelen over dit soort verzinsels.

Katinka is ook zo’n kind wat te ver gaat. Ze liegt niet over alles, hoor. Veel is ook wel waar. Maar wat? Dat weet je op een gegeven moment niet meer.

Katinka logeert in de vakantie bij haar opa. Daar zijn twee buurkinderen die ze graag wil leren kennen. Katinka’s verwachtingen zijn hooggespannen. Ze besluit niet alles over zichzelf te vertellen. Niet wat er op haar vorige school is gebeurd, en dat ze naar een andere school gaat, bijvoorbeeld. Maar over Patrick, de aap die ze als huisdier heeft, vertelt ze wel. Het is een schot in de roos: ze heeft de aandacht van de buurkinderen meteen te pakken.

Dit korte verhaal laat je automatisch nadenken over de grens tussen fantaseren, liegen, de waarheid en wat je gelooft.

Voor een kinderboek had het verhaal wat meer vaart, spanning of humor mogen hebben. Al hebben natuurlijk niet alle kinderen dat nodig.

Het boek wordt afgesloten met vragen en opdrachten om verder te denken over het thema waarheid. Dit kun je samen of alleen doen. Je kunt je kind bijvoorbeeld eerst alleen de opdrachten laten maken en er daarna samen over praten en van gedachten wisselen. Zo is het dus ook heel geschikt voor thuisonderwijs.

Jammer, geen kinderboekenschrijver

Patrick is het Kinderboek van de Maand van de Filosofie 2020. Annelies Verbeke schreef hiermee haar eerste kinderboek. En hoewel ze dat goed gedaan heeft, vind ik het toch jammer dat er net als vorig jaar geen kinderboekenschrijver is benaderd voor het schrijven van het kinderboek van de Maand van de Filosofie. Er zijn namelijk genoeg kinderboekenschrijvers die heel goed een filosofisch kinderboek zouden kunnen schrijven. Ik denk bijvoorbeeld aan Janny van der molen, Marco Kunst (filosofie gestudeerd nota bene), Ted van Lieshout, Edward van de Vendel, Joke van Leeuwen, Bette Westera, etc. etc.

Vorig jaar schreef Abdelkader Benali het kinderboek van de Maand van de Filosofie. Ook hij had niet eerder een kinderboek geschreven. Ik begrijp de keuze niet om elk jaar een auteur te kiezen die niet eerder een kinderboek schreef.

Het CPNB maakt voor de Kinderboekenweek ook vaak deze vreemde keuze. Zo werd vorig jaar het Prentenboek van de Kinderboekenweek geschreven door André Kuipers. Rian Visser is ook een schrijfster die daar teleurgesteld over is. Lees hier haar pleidooi.

 

Deel deze pagina

Geplaatst op 1 april 2020