Kunnen we en mogen we als opvoeder kinderen vormen?

← Terug naar overzicht -

Wat wil je bereiken met het filosoferen met kinderen? Het is een vraag om regelmatig steeds opnieuw over na te denken. Daaronder ligt de vraag: kun je kinderen vormen, mag je kinderen vormen en wil je dat ook? Tijdens een studiedag filosoferen met kinderen georganiseerd door het Centrum voor Kinderfilosofie Nederland stond deze vraag centraal. Een van de plenaire gesprekken die dag ging over de vraag of je kinderen überhaupt kunt vormen. Ik ging wat rechter op zitten want ik had toevallig die ochtend in de trein gelezen over werkoorzaak versus doeloorzaak. De keuze voor het een of het ander leek mij nogal zwart-wit. Daarom kwam ik uit, om wel in hetzelfde kleurdenken te blijven, bij een schaakspeltheorie.

Schaakspel

In een schaakspel kun je voor meerdere zetten kiezen waarbij de keuze die je maakt invloed heeft op je volgende zetten. Net zo goed heeft de keuze van de tegenstander ook invloed op jouw spel. Bij elke zet, van jou en de ander, veranderen en verschuiven je mogelijkheden maar deze leveren altijd beperkte vervolgkeuzes op. Een kind kun je zien als wit en zijn omgeving als zwart – of andersom. Vorming is dan dus een beetje van jezelf en een beetje van de ander.

Klei

Maar door de verschillende meningen van andere deelnemers tijdens de plenaire discussie op de studiedag werd het beeld van het schaakspel in mijn hoofd verdrongen door een homp klei. Een homp klei kun je naar believen vormen, al zitten er grenzen aan de vorm door de grootte en de kwaliteit van het stuk klei. Dus vormen ja -was mijn wederom voorlopige conclusie- maar binnen bepaalde grenzen.

Beeldhouwer en schrijver

Toch bleef de werkoorzaak knagen. Deze was niet goed te rijmen met de klei die toch meer richting doeloorzaak gaat. Ik dacht aan een uitspraak van een beeldhouwer (als ik het me goed herinner van Auguste Rodin beschreven in de biografie van Anne Delbée) die zei dat de vorm van zijn werken al in de steen aanwezig was en dat het zijn taak was deze te vinden. Schrijfster Annejet van der Zijl zegt iets soortgelijks over haar boeken, namelijk dat het verhaal er al is en dat zij deze uit de geschiedenis moet zien te beitelen.

Vorm is er al

Dat past naadloos op mijn beeld van het kind. De vorm van het kind is er al en zijn omgeving moet hem helpen die vorm te ontdekken of net even anders het verhaal van het kind is er al en zijn omgeving moet helpen om hem dat verhaal te laten vinden.

Filosoferen? Ja!

Met deze theorie is het beslist legitiem en wenselijk om het filosoferen bij de scholing van kinderen in te zetten. Door te filosoferen leer je immers je eigen gedachtengangen kennen. Filosoferen is dan een hulpmiddel om het kind zijn eigen vorm en zijn eigen verhaal te laten ontdekken. Maar niet om hem te vormen. Vormen heeft toch een smaakje van indoctrineren of modificeren. Terwijl het kind goed is zoals hij in wezen is. Laten we daarom vooral regelmatig met kinderen filosoferen om hen te helpen hun eigen vorm en verhaal te vinden, te snijden, te hakken, te schrijven en te kneden.


Ook filosoferen met kinderen? Maak een start met de Praatprikkels – filosofische vragenkaartjes voor kinderen.

Lees meer blogs in de categorie ‘Denken over onderwijs‘.

Lees meer over de betekenis van werkoorzaak en doelaarzaak. 

Deel deze pagina

Geplaatst op 29 november 2012